Stimuleer arbeids­ongeschikt­heids­-
verzekering (aov) en pensioen­opbouw

De culturele en creatieve sector kent relatief het laagste aandeel zzp’ers met een aov. De kosten van een aov en pensioen­egeling worden verlaagd bij collectieve deelname. Om het aandeel werkenden dat een aov heeft te vergroten kan de overheid er (als proeftuin) voor kiezen om dit standaard voor zzp’ers in de culturele en creatieve sector in te voeren, met daarbij de mogelijkheid om te kiezen voor een ‘opt-out’. De kosten van een aov dienen dan wel te kunnen worden doorberekend in de tarieven, dan wel als opslag te worden doorberekend aan de opdrachtgever (met als voorwaarde dat deze opslag daadwerkelijk aan een ao-verzekering wordt besteed). Dit zou kunnen wanneer collectieve onder­handelingen voor zzp’ers in deze sector mogelijk worden gemaakt dan wel bij invoering van een minimumuurtarief voor zzp’ers in de culturele en creatieve sector. Daarnaast ligt een koppeling met deel­sectoren die een honorarium­richtlijn kennen voor de hand. De (deel)sector zou als proeftuin kunnen fungeren om het aandeel zzp’ers met een aov te vergroten.

In Nederland geldt de AOW als wettelijke basis voor de oudedags­voorziening. Zzp’ers in de culturele en creatieve sector hebben door de over het algemeen lage inkomens in deze sector vaak onvoldoende financiële ruimte om te sparen voor een aanvullend pensioen. De raden adviseren om nader te onderzoeken hoe kan worden bevorderd dat zelfstandigen in deze sector meer mogelijkheden krijgen om aanvullend pensioen op te bouwen. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door in richtlijnen voor honoraria of collectieve afspraken over een minimumuur­tarief ook een opslag mee te nemen voor pensioenopbouw.

Het bredere vraagstuk van een (verplichte) aov en de pensioens­opbouw voor zzp’ers vormt thans onderwerp van bespreking in SER-verband.

Pensioenregelingen voor de culturele en creatieve sector

Werknemers in de culturele en creatieve sector bouwen bij verschillende pensioen­fondsen pensioen op. Op 1 oktober 2010 heeft het Pensioenfonds Zorg en Welzijn de pensioen­aanspraken overgenomen van het Pensioenfonds Cultuur. Het gaat om ruim 20.000 (oud-) werknemers uit de sectoren dans, theater, kunst en cultuur. Werknemers uit de creatieve sector zijn aangesloten bij pensioenfonds PNO Media en werknemers werkzaam in de grafimedia bij Pensioenfonds PGB. Kleinere bedrijven die niet onder een cao vallen kennen vaak geen pensioenregeling, of een verzekerde regeling.

Tot en met 2012 was er ook een pensioenregeling voor zelfstandige kunstenaars. Deze regeling werd door het Beroepspensioenfonds voor Zelfstandige Kunstenaars AENA uitgevoerd. AENA werd tot eind 2012 voor diverse zelfstandige kunstenaars gesubsidieerd door de overheid en door Buma. De overheids­subsidie voor de pensioen­premies van diverse zelfstandige kunstenaars is per 1 januari 2013 stopgezet als gevolg van de sterke bezuinigingen die de overheid heeft doorgevoerd in de cultuursector. Hierdoor bouwen de zelfstandige kunstenaars vanaf 1 januari 2013 geen nieuw pensioen meer op. Ten behoeve van aangesloten auteurs en muziekuitgevers heeft Buma daarop een eigen oudedags­voorziening gerealiseerd. Rechthebbenden met een minimum­inkomen komen in aanmerking voor een percentage van hun inkomen voor inleg in een oudedags­voorziening.