Benut de potentie van de sector en
sluit aan bij andere beleidsagenda’s

De culturele en creatieve sector kan nog meer bijdragen aan onze welvaart dan het nu al doet. Het is de verantwoordelijkheid van de sector zelf om zijn toegevoegde waarde voor het voetlicht te brengen en zo de vraag naar deze sector te vergroten. Dit vraagt om sterke vertegen­woordigers, die het Nederlandse bedrijfs­leven, consumenten en politieke beslissers van informatie kunnen voorzien. De raden moedigen sectorpartijen als Kunsten ’92, de Federatie Cultuur, de Federatie Creatieve Industrie, vak­bonden en beroeps­verenigingen aan om hierin intensief samen op te trekken en zoveel mogelijk met één stem te spreken.

Om ervoor te zorgen dat de potentie van de sector optimaal wordt benut, is een overheid nodig die leert van ervaringen en op basis daarvan beleid ontwikkelt. De belangrijkste belemmerende factor is momenteel niet een gebrek aan goede initiatieven, maar onvoldoende aandacht voor verspreiding en opschaling, waardoor centrale en decentrale overheden steeds opnieuw het wiel uitvinden. Ook zijn de beleids­agenda’s van departementen en centrale en decentrale overheden vaak niet goed afgestemd op elkaar en op de kenmerken van de sector, waardoor ambities stranden in goede voornemens. De raden adviseren daarom om een integrale beleids­agenda op te stellen ter vergroting van de maat­schappelijke en economische waarde van cultuur. Deze agenda zou geleid kunnen worden door de ministeries van OCW, EZ en Financiën, in afstemming met de sector, gemeenten, provincies en andere departementen.

Hieronder volgt een niet-limitatieve opsomming van terreinen waar de raden onbenutte potentie zien van de culturele en creatieve sector voor de welvaart in Nederland:

De bijdrage van de sector aan innovatie

Maatschappelijke uitdagingen zoals klimaat­verandering, energie­transitie en vergrijzing vragen om nieuwe oplossingen. Met haar creativiteit en ontwerpende kracht kan de sector hier bij uitstek aan bijdragen. De creatieve sector wordt vaak pas betrokken in de implementatie­fase, zoals voor een publicatie, app of website. De meeste potentie ligt echter in de ontwerpfase waarin nieuwe concepten worden ontwikkeld. Er zijn verschillende maatregelen mogelijk om dit te bewerkstelligen:

De bijdrage van de sector aan stedelijke profilering en regionale groei

Culturele voorzieningen dragen bij aan het vestigingsklimaat voor burgers en bedrijven. Evenementen en festivals trekken consumerende bezoekers. De aanwezigheid van makers stimuleert het ondernemers­klimaat. Leegstand van winkels en woningen kan worden weggenomen door herbestemming tot ateliers, galeries en culturele broedplaatsen. De Agenda Stad van BZK, de RetailAgenda van EZ en eventuele Citydeals bieden hiervoor aanknopings­punten.

De bijdrage aan de kwaliteit van de bebouwde omgeving

De opgaven van transformatie van vastgoed in stedelijke regio’s is de komende jaren een vraagstuk waar makers een positieve bijdrage aan kunnen leveren. VNO-NCW werkt momenteel aan een programma voor bruisende steden en dorpen waarin kunst en cultuur integraal wordt meegenomen. Een goed voorbeeld van een bijdrage op het ruimtelijke terrein is het programma Ruimte voor de Rivier van het ministerie van I&M in samenwerking met verschillende steden, waarin het indammen van overstromings­risico’s hand in hand ging met stedelijke ontwikkeling. Het ging hier om de ontwikkeling van grote infrastructurele projecten waarin inwoners zelf een stem hadden, wat de gebruikers­waarde en maatschappelijke acceptatie ten goede kwam.

De bijdrage aan participatie en sociale cohesie

Cultuur kan bijdragen aan de participatie in de samenleving en betrokken worden in beleid gericht op het tegengaan van eenzaamheid bij ouderen, het vergroten van kansen van jongeren en integratie van mensen uit verschillende groepen van de samenleving. Voorbeelden zijn het Manifest samen zingen uit 2020, en het jeugdcultuurfonds ter bestrijding van armoede onder jongeren.

De bijdrage aan de ontwikkeling van 21st century skills in het onderwijs

Vaardigheden zoals creativiteit, flexibiliteit en reflectie worden steeds belangrijker in de maatschappij en op de arbeidsmarkt. Cultuur­educatie en participatie dragen daar bij uitstek aan bij. Voortzetting van het programma Cultuureducatie met kwaliteit en het meenemen van cultuureducatie in de curriculumherziening in het kader van Onderwijs2032 lijken kansrijk.

De bijdrage aan internationale diplomatie en handel

Culturele instellingen worden regelmatig betrokken bij staatsbezoeken en internationale handelsmissies omdat dit goed is voor het imago van Nederland. Een grotere impact is mogelijk door wederkerigheid een onderdeel te maken van het beleid, bijvoorbeeld door structurele uitwisselingen te faciliteren en vaker een podium te vragen voor Nederlandse kunstenaars en instellingen in het buitenland. De oprichting van de nieuwe stichting NL International Business biedt daartoe kansen. 2

De bijdrage van de sector aan economische groei

De creatieve industrie, door het kabinet afgebakend als de sectoren design, media en entertainment, mode, gaming en architectuur, is de afgelopen jaren aangewezen als topsector vanwege diens internationale toppositie. Dit heeft bijgedragen aan een hogere organisatie­graad in de sector, het openen van internationale markten en groei ondanks de economische crisis. 3 Maatregelen waar de sector baat bij had, waren onder meer de MIT-regeling, die innovatie in het midden- en kleinbedrijf stimuleert over regio­grenzen heen. 4 De steun voor Topconsortia voor Kennis en Innovatie heeft bijgedragen aan een aanzienlijke toename van publiek-private samenwerking in de sector. Dit topsectoren­beleid verdient een passend vervolg nu de economie weer aantrekt, waarin de eerdere lessen zijn meegenomen en het beleid wordt verbreed tot meer culturele en creatieve disciplines. In evaluaties is gewezen op de potentie van de sector op het gebied van crossovers met andere sectoren, zoals gestimuleerd door het platform CLICKNL. Verder liggen er nog kansen voor economische groei door het toegankelijker maken van financieringsmogelijkheden voor ondernemers in de sector, vraag­stimulering in meer landen en het opschalen van creatieve concepten middels incubators.

Service design-vouchers, RVO.

‘De bijzondere economie van het kunstenaarschap’, Klink, P. van, Amsterdam University Press, Amsterdam, 2016.

Monitor topsectoren 2016, Centraal Bureau voor de Statistiek en Blank, D., e.a., Voorburg/Heerlen, 2016. Flexibiliseren, differentiëren, scherper kiezen - Balans van de topsectoren 2016, Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie, 2016, Den Haag.

Monitor Bedrijvenbeleid 2015, Ministerie van Economische Zaken, Den Haag, 2015.